Auguste Dieudonné Eugène Buisseret (Beauraing, 16 augustus 1888Luik, 15 april 1965) was een liberaal politicus, die onder meer burgemeester en minister was.

Levensloop

Na middelbare studies aan het atheneum van Dinant en kandidaturen aan de Facultés Notre-Dame-de-la-Paix in Namen, promoveerde Buisseret tot doctor in de rechten (Universiteit van Luik, 1913) en vestigde zich als advocaat in Luik.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog verdedigde hij heel wat Belgische patriotten voor Duitse rechtbanken. Hij werd zelf driemaal gearresteerd en werd op 10 november 1918 ter dood veroordeeld. De wapenstilstand van de volgende dag redde zijn leven.

Hij werd politiek actief in Luik als liberaal gemeenteraadslid (vanaf 1930), schepen voor financies (1934-1937) en voor onderwijs (1937-1945), met onderbreking tijdens de oorlog. Voor de oorlog kocht hij ten behoeve van de kunstacademie werken aan die door nazi-Duitsland als Entartete Kunst in Luzern werden geveild en die nadien de collectie van de stedelijke musea verrijkten. Hieronder bevonden zich een Picasso, een Gauguin, een Ensor, een Chagall en een Oskar Kokoschka. Hij werd, na zijn militaire carrière, burgemeester (1959-1963) van Luik, een mandaat dat door ziekte vroegtijdig werd beëindigd.

Hij werd ook Belgisch senator: rechtstreeks verkozen (1939-1946), provinciaal senator (1946-1949) en opnieuw rechtstreeks verkozen (1949-1961). Hij was ondervoorzitter van de senaat (1947-1949).

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd hij ontheven van zijn schepenambt en werd door de Duitsers gearresteerd, wat hem niet belette opnieuw Belgen te verdedigen voor de uitzonderingsrechtbanken van de bezetter. In 1943 werd de bedreiging dat hij door collaboratiemilities zou vermoord worden te groot en hij vluchtte naar Londen, waar hij als juridisch raadgever optrad bij de regering-Pierlot. Terug in België in september 1944 nam hij onmiddellijk weer de ambten van schepen van Luik en van senator op.

Van 1945 tot 1958 was hij herhaaldelijk minister, soms kortstondig, gelet op de snel elkaar opvolgende regeringen in die tijd. Zo was hij:

De korte regeerperioden lieten hem niet toe een blijvende invloed uit te oefenen. Dit kon hij wel in zijn laatste functie, die hij gedurende een volle regeerperiode uitoefende en tijdens dewelke hij een aanzienlijke ontwikkeling van het officieel onderwijs in de kolonies realiseerde. Hierdoor werd hij een controversiële figuur, gezien hij dit onderwijs opstelde als een concurrent van het onderwijs dat tot dan exclusief verstrekt werd door de katholieke en protestantse missionarissen. De tegenstrijd kaderde ook in de hevige schoolstrijd die in die periode in België woedde.

Op 19 november 1953 stemde hij in de Senaat als enige liberaal voor de toepassing van het EVRM in Belgisch-Congo.[1]

Buisseret was een militant Waal en francofiel, tevens uitgesproken anti-fascist. Hij was vrijmetselaar in Luik en bestuurder van de Centre Charles Magnette.

Publicaties

Literatuur

Voorganger:
Victor de Laveleye
Minister van Openbaar Onderwijs
1945-1946
Opvolger:
Léo Collard
Voorganger:
Joseph Merlot
Minister van Binnenlandse Zaken
1946-1947
Opvolger:
Piet Vermeylen
Voorganger:
Oscar Behogne
Minister van Openbare Werken
1949-1950
Opvolger:
Albert Coppé
Voorganger:
André Dequae
Minister van Koloniën
1954-1958
Opvolger:
Léon Pétillon
Voorganger:
Paul Gruselin
Burgemeester van Luik
1959-1963
Opvolger:
Maurice Destenay